Het ‘vooral doen’ overheerst in Rotterdam

geplaatst op 31-05-2017

Het filmfestival Rotterdams Open Doek is nog relatief nieuw. De maandelijks geselecteerde korte films daaromheen bestaan in dit concept zo'n zes jaar, destijds ontstaan als initiatief vanuit LantarenVenster. Daar wordt het filmfestival nu ook gevierd, waar het aftrapt met de hoogtepunten van seizoen 2016-2017. En dan wordt weer duidelijk hoe creatief Rotterdam is: in de opzet van het festival en ook in de films die te bekijken zijn. Het niveau ligt hoog. Het festival is net geweest, tijd voor een terugblik. 

"Rotterdam is enorm inspirerend," vindt organisator Casper Houtman. Per maand krijgt het festival dertig films ingezonden die vragen om een groot doek, waarvan ze slechts vier - door een jury gekozen - films per maand kunnen vertonen. "En dan komt het dus ook voor dat we een inzending niet vertonen, ja. Het is niet zo dat als je Rotterdammer bent, jouw film hier automatisch terecht kan." Het omgekeerde is ook mogelijk, zo nu en dan vertoont LantarenVenster binnen Rotterdams Open Doek een film die geen enkele connectie met Rotterdam heeft: “We sluiten niemand uit.”
 
Korte lijntjes
Houtman streeft vooral naar een festival dat Rotterdam ademt. "De no-nonsense mentaliteit: handen uit de mouwen en doen waarover jij voelt dat je het moet doen. Je kan al met heel weinig middelen iets goeds maken." Daarom wil het filmfestival de drempel bewust laag houden. Regisseurs staan naast de bezoekers, iedereen kan een babbeltje met elkaar maken en tegelijkertijd kunnen filmmakers elkaar ontmoeten voor nieuwe producties. "De lijntjes op dit festival zijn kort en dat past bij deze stad." Hierin zit volgens Houtman zowel de overeenkomst als ook het verschil met IFFR. "Het is een prachtig festival met een enorme waarde, maar wij zijn lokaal. We willen niet alleen vertonen, we willen de makers hier met elkaar verbinden. Je kan zomaar tegen iemand aanlopen die een gave klus voor je heeft. Zo ken ik een verhaal van een jonge maker die een producer tegenkwam van VPRO Tegenlicht. Contactgegevens uitgewisseld en klaar. Even later werd ze gebeld of ze interesse had om er stage te komen lopen."
 
Houtman refereert aan de 21-jarige filmmaker Esmée van Loon, toevalligerwijs ook winnaar van seizoen 2016-2017 met haar documentaire Ma'maQueen, over de wereld van dragqueens. Met haar film zet ze de kijker aan het denken over vraagstukken die ingaan op seksualiteit, het menszijn en het lichaam van de man of vrouw. Voor haar was de winst volledig tegen verwachting in: "Ik had de film maar gewoon ingestuurd, hij was eigenlijk naar mijn idee nog niet af. En als maker zie je toch altijd nog dingen die beter hadden gekund. Inmiddels krijg ik behoorlijk vaak de vraag of iemand de film mag zien."



Rauw en ruw
Van Loon beschrijft haar film als ruw in opzet, rauwer dan de gemiddelde andere film. Dat is met name terug te zien in de stijl van draaien: veel uit de losse hand, met een spiegelreflexcamera. Het is daarnaast weleens overbelicht, soms wat rommelig en er zijn momenten van ruis in de audio. "Alle andere films zagen er echt mooi uit. Goed geproduceerd en gedraaid op dure camera's. Dat had ik niet, ik heb alles zelf gedaan zonder budget." Die ruwheid is volgens de Amsterdamse regisseur Roy Dames, die een seminar geeft op Rotterdams Open Doek, juist typisch Rotterdams. "Het is niet alleen de stad die rauw is, het is ook een kenmerkende stijl voor veel makers hier. Amsterdam is voor mij bijvoorbeeld een stad vol van regels, terwijl in Rotterdam meer een mentaliteit heerst van: ‘Fuck de regeltjes’ en ‘We gaan het gewoon doen.’ Om een voorbeeld te noemen, als ik iets kan maken zonder producent denk ik: thank God!"
 
Kunstbende
Naast de seizoensfinale op vrijdagavond, vult het programma van het filmfestival zich met seminars, talkshows, veel korte films en interessante gasten. Inspiratie geven en opdoen is de rode draad. In een van de talkshows vond een gesprek geplaats met onder andere de 15-jarige Yana Haaitsma uit Den Haag. Zij maakte de korte animatiefilm Bontje, waarmee ze in Zuid-Holland de strijd om de prijs van Kunstbende won. Bescheiden blijft de piepjonge maker wel, want op de vraag hoeveel films ze al heeft gemaakt, antwoordt ze dat ze er tot nu toe slechts zeven heeft gemaakt. Andere gasten waren onder meer Kristjan Knigge, die een totaal vernieuwende visie heeft op het produceren van speelfilms. Zo maakt hij films vanuit een soort open gedachtegang: er is geen vooraf geschreven scenario; hij weet ongeveer wat hij wil maken en afhankelijk van factoren zoals het weer wordt het verhaal gevormd. Acteurs zeggen daardoor toe op een rol, waarvan ze hun exacte tekst dan nog niet weten. Dit is een van zijn speerpunten, waardoor de periode van pre-productie behoorlijk wordt verkort. Zo biedt het festival de ruimte aan jong en nieuw talent, maar zijn er ook meer gevestigde namen te gast, waaronder acteur Niels Gomperts, regisseur Bram Schouw, documentairemaker Menna Laura Meijer en regisseur Jean van de Velde.



Organisator Houtman gelooft hoe dan ook heilig in de Rotterdamse filmcultuur: "Er worden steeds meer films gemaakt, die ieder jaar weer beter en nog mooier zijn.” Dat het Rotterdamse Filmfonds weliswaar niet meer bestaat, vindt Houtman zonde, maar de echte harde kern van creatieve mensen zijn overgebleven volgens hem. "Dit trekt weer andere creatievelingen aan, waardoor er meer vraag is naar evenementen zoals deze en de filmwereld er tot leven komt." Houtman hoopt vooral dat met de inzet van dit filmfestival de Rotterdamse filmwereld nog verder tot bloei zal komen. De vooruitgang is volgens hem al merkbaar, maar kan soms met nieuwe initiatieven - die ook regelmatig worden ondersteund door de gemeente - een extra duwtje in de rug krijgen. "Ach, weet je, Feyenoord heeft er achttien jaar op moeten wachten. Als je Rotterdammer bent kies je voor hard werken en het gewoon te doen." 

Tekst: Wouter Springer
Foto's: Lawrence Lee Kalkman



meer artikelen