LEIDEN SHORTS: GROTE VRAGEN EN COMPLEXE ANTWOORDEN

Wat is de rol van een filmfestival in politiek complexe situaties? Het is tegenwoordig een complexe vraag, met vele mogelijke antwoorden. Van 6 tot 9 juni was het Leiden Shorts festival. 7 juni was vers aanwezig bij een programma vol talks en events gericht op industry professionals om in gesprek te gaan over deze complexe vraagstukken.

Leiden Shorts is een filmfestival dat zich richt op internationale korte films, het vindt voornamelijk plaats in PLNT en het Kijkhuis in Leiden. Naast hun nationale en internationale competitie is er ook een ‘brand new eyes’ competitie en interessante speciale screenings. Ook is er in het filmprogramma ruimte gehouden voor films over politieke en sociale kwesties in het ‘we need to talk about…’ programma. Deze ruimte is er tevens voor industry professionals met verschillende talks en panelgesprekken. 

Het eerste panelgesprek op vrijdag had een duidelijk thema: Wat kan de filmindustrie leren van de commons? Florian Cramer, research professor aan de Willem de Kooning Academie introduceerde de commons als een concept uit de landbouw: grond of goederen onder gedeeld eigenaarschap. De voordelen, maar ook de uitdagingen van de vertaling van dit concept naar de filmindustrie, werd verder ontdekt met schrijfster Amy Gowen en filmmaker Sven Peetoom. Beide voorbeelden van het concept in de praktijk.Amy Gowen richtte, na het volgen van de in Zurich gebaseerde School of Commons, een uitgeverij die geheel gebaseerd was op het open source beschikbaar maken van hun boeken. Zo is er een boek verschenen door meerdere schrijvers met verschillende perspectieven op de aardappel. Haar uitgeverij wordt helemaal in samenwerking bestuurd, wat veel meer tijd kost. Toch is dit het waard volgens haar, voor de vele verschillende en waardevolle perspectieven. Sven Peetoom betoogde dat het huidige talentontwikkeling klimaat te competitief en netwerkgedreven is. Samen met gelijkgestemden ging hij op zoek naar een veilige plek. Ze gingen in gesprek over elkaars films op een constructieve laagdrempelige manier en helpen zo elkaars filmprojecten vooruit.

De tweede talk ging over de rol van filmfestivals. Onder de titel ‘the right to be political’ gingen filmmakers en festivalprogrammeurs hierover in gesprek. Is politieke uiting een recht? Een plicht? Of is het juist beter om neutraal te blijven? De filmfestivals werden vertegenwoordigd door twee programmeurs: Maarten Stolz (Movies that Matter) en Sarah Dawson (IDFA). Filmmakers Yannesh Meijman (Hotel Mokum) en Sameh Alaa (I Am Afraid to Forget Your Face) waren te gast om ook de makers te vertegenwoordigen. 

De eerste consensus werd bereikt over het feit dat politiek op filmfestivals onvermijdelijk is. Dit heeft vooral betrekking op documentaire festivals, waar je vaak geconfronteerd wordt met eerlijkheid en realiteit. De vraag is dan: spreken deze films voor zich? Of moeten filmfestivals hierbij ook statements maken als het om belangrijke sociale en politieke kwesties gaat? Staan de festivals dan in hun recht om een kant te kiezen? En doen ze dat niet altijd al door de makers die ze etaleren in de programmering? Veel vragen waarop geen simpele antwoorden te geven zijn. 

Een mogelijk antwoord kwam vanuit Movies that Matter, wat over de Palestijnse kwestie bijvoorbeeld geen statement uitbracht. Zij kozen ervoor om over dit onderwerp enkel films te programmeren die tot stand zijn gekomen door een crew met zowel Israëliërs als Palestijnen. Een ander interessant incident was het feit dat Yannesh Meijman afgelopen november zijn film Hotel Mokum uit het IDFA-programma heeft gehaald. Dit om IDFA’s houding omtrent Palestina en Israël. Dit zet aan tot de vraag of de makers eenmaal op het festival ook de vrijheid mogen genieten hun films te vergezellen van verdere statements. Meijman uitte echter ook zijn empathie met de complexe situatie waarin filmfestivals zich op dit moment bevinden.

Uiteindelijk ging het niet zozeer over het vinden van sluitende antwoorden op al deze complexe vragen. Ieder filmfestival en iedere maker of programmeur zal tenslotte anders reageren. Dit kan juist verrijkend werken aangezien het de discussie opgang brengt. Een duidelijke rode draad was het idee dat festivals zich op een bepaalde manier moeten spiegelen aan de samenleving. En het feit dat festivals zich op een actieve manier bewust moeten zijn van geopolitieke machtsstructuren. Deze kloven zouden ze in ieder geval niet moeten vergroten.

Met deze twee panelgesprekken was het dan ook een erg leerzaam programma waarin ook genoeg ruimte was voor het publiek om zelf hun mening te uiten. Mocht jij iets willen leren vanuit andere perspectieven, of misschien juist zelf iets kwijt willen over de filmindustrie. Dan is de volgende editie van Leiden Shorts dus een mooie kans. Laat je stem horen! 

Voor dit artikel was onze redacteur Jop Emonts namens Vers aanwezig op het filmfestival dat plaatsvond in PLNT Leiden. De foto’s zijn gemaakt door LyanneArt.