Een wilde rit in Tokio – Ralph Fiennes over The White Crow

geplaatst op 02-11-2018

Op 25 oktober is in Tokio de 31e editie van het Tokyo International Film Festival van start gegaan. Op dit festival beleven veel internationale films hun Aziatische première, zoals de hit van Bradley Cooper A Star Is Born en het nieuwste werk van Britse acteur en regisseur Ralph Fiennes The White Crow, een biopic over de Russische danser Rudolf Nureyev. Met zijn bijnaam ‘Lord of the Dance’ werd Nureyev gezien als de grootste balletdanser van zijn generatie. In 1961 was hij de eerste Sovjet artiest die tijdens de Koude Oorlog naar het Westen vluchtte en hiermee een internationale sensatie creëerde. Op de dag van de première van The White Crow heb ik het voorrecht Fiennes te spreken over de totstandkoming van deze film.

Door een zee van flitsende camera’s, fans met Voldemortmaskers en gillende meisjes verschijnt Ralph Fiennes in de bioscoop in Tokyo waar The White Crow in première zal gaan. Hij zwaait naar zijn publiek en deelt handtekeningen uit. Ik ben uitgenodigd door zijn producer Gabrielle Tana om voor de première met haar en Fiennes over de film te praten. Samen lopen we de nu nog lege bioscoopzaal in. Fiennes volgt enkele minuten later en sluit de deur achter zich. De rust is wedergekeerd en hij slaakt een zucht van verlichting. “Altijd een wilde rit in Japan.” Ik knik instemmend: eerder deze week werd ik aangezien voor Iraanse actrice Taraneh Alidoosti (The Salesman) en vond ik het leven van een beroemdheid zo heftig dat ik mezelf aan het einde van de avond in de wc had opgesloten. Ik deel deze anekdote en Fiennes schudt lachend zijn hoofd: “Dan is het maar goed dat jij de journalist bent en ik de regisseur.”

En daarom zijn we hier, The White Crow, de derde film die Fiennes geregisseerd heeft. “De reden dat ik deze film wilde maken was het karakter van Rudolf Nureyev. Het is niet zozeer een biopic, want het toont maar een kort gedeelte van zijn leven. Dat deel is voor mij het interessantste deel, omdat het de verschillende elementen van zijn jeugd bevat die uiteindelijk leiden tot zijn vlucht naar het Westen. Zoals zijn vriendschap met de Franse Clara Saint (gespeeld door Adèle Exarchopoulos, red.) en zijn aanvaringen met de KGB. In dit verhaal zitten zoveel verschillende thema’s, zoals zelfrealisatie, menselijke vrijheid, ideologische conflicten en het terugvinden van het individu.”

Deze thema’s komen vaker voor in films van Fiennes en dat is geen toeval. “Ik ben boven alles geïnteresseerd in de innerlijke wereld van de mens. Wat is het om menselijk te zijn? Mijn favoriete schrijver is Dostojewski, omdat hij vaak extreme en monsterlijke karakters beschrijft en ons uitnodigt om toch de menselijkheid in hen te zien. Er is een intens krachtige boodschap te vinden in de manier waarop Dostojewski de pijn en de schoonheid van het menszijn onderzoekt. Elk verhaal dat hiermee in aanraking komt, vind ik bijzonder interessant. Nureyev is een notoir rebels karakter en zijn persoonlijkheid heeft ook zeker negatieve kanten. In deze film probeer ik zijn menselijkheid bloot te leggen en te onderzoeken.”

De film neemt ons mee langs bijzondere locaties, zoals de Hermitage in St. Petersburg en het Louvre in Parijs. Authenticiteit is belangrijk voor Fiennes en daarom zijn de scènes op locatie gefilmd. “Het was voor mij heel belangrijk om de echte locaties te bezoeken en te gebruiken in de film. Zo voelt de kijker zich meer verbonden met het verhaal van Nureyev. In de Hermitage was het al jaren verboden om films op te nemen, sinds Russian Ark uit 2002. Daarin werd de hele Hermitage gebruikt en dit had schijnbaar voor enorme problemen gezorgd. Ik heb de museumdirecteur op het hart moeten drukken dat we slechts een enkele ruimte zouden gebruiken en heel zuinig met alles om zouden gaan. Ook in het Louvre hebben we mogen draaien. Het hele museum was gesloten en we waren al een paar uur bezig, tot mijn assistente in mijn oor fluisterde dat ik even stiekem om het hoekje moest kijken. Ik liep achter haar aan en daar was de ruimte met de Mona Lisa. Die hebben we toen even volledig voor onszelf gehad.”




De hoofdrol in de film wordt vertolkt door Oleg Ivenko, een balletdanser uit Oekraïne. “Ik wilde een danser casten die zou kunnen acteren, niet andersom. Balletdansers beginnen op jonge leeftijd en hebben jaren aan training nodig om op een niveau te komen dat goed genoeg zou zijn om Nureyev te kunnen vertolken. Ik zou anders met body doubles hebben moeten werken en dat voelde niet authentiek. Het was een flinke zoektocht, ik heb zoveel verschillende dansers gezien. Toen ik Oleg eenmaal had gevonden, was er geen twijfel meer. Hij stak er met kop en schouders bovenuit, zijn talent voor acteren is waanzinnig. Hij had hiervoor nog nooit eerder geacteerd! En we hadden ook nog eens het geluk dat hij qua uiterlijk leek op Nureyev in zijn jongere jaren. Het grappige is dat Oleg zich nu meer op zijn acteercarrière gaat richten, in plaats van ballet. Ik voel me wel een beetje schuldig naar zijn balletfans, maar ik weet zeker dat de filmwereld er een groot talent bij heeft.”

Desalniettemin hebben ze hard moeten werken om van de 22-jarige danser een echte acteur te maken. En dat is dan ook Fiennes’ advies aan jonge acteurs en filmmakers: “Het enige wat je kan doen, is hard werken. Oefenen en oefenen. Oleg en ik hebben ontelbaar veel uren samen besteed om zijn vertolking te perfectioneren. Er zat in het begin een bepaalde angst in hem die we er uit moesten krijgen. Ik heb door de jaren heen geleerd dat het overwinnen van angst zich altijd uitbetaalt. Dat zien we nu ook bij Oleg, zijn acteerprestatie is van een zeer hoog niveau. Hij heeft heel wat persoonlijke dingen moeten confronteren om dit te kunnen behalen. Dat is vooral mijn advies geweest aan hem en ook aan andere jonge filmmakers: laat je nooit tegenhouden door angst, durf door te zetten en blijf altijd hard werken.”

Aan een volgend project denkt Fiennes vooralsnog even niet. “Ik heb het gevoel dat deze film nog niet eens echt is afgelopen. Het was zo’n zwaar proces. Ik heb er enorm van genoten, maar het was wel veel. Het was namelijk nooit de bedoeling dat ik er zelf in zou spelen, ik wilde dat liever niet. Het liefst had ik al mijn aandacht gericht op het regisseren. Maar na overleg met mijn producers en de studio bleek het uiteindelijk de betere keuze om mijn naam er qua acteerwerk aan te verbinden. Dat heeft me zeker stress bezorgd, maar ik ben tevreden met het eindresultaat. Mijn volgende project zal wel echt puur als regisseur zijn, maar eerst moet ik nog hier van bekomen. En dat gaat me nu in het drukke Tokio even niet lukken”, grapt hij.
 
 
The White Crow zal eind 2018 in de Nederlandse bioscopen te zien zijn.


Tekst: Rosanne Bezemer
 



meer artikelen