Wouter van Luijn zichtbaar geworden na het overlijden

geplaatst op 01-10-2018

Afgelopen zomer overleed onverwacht de getalenteerde 34-jarige editor Wouter van Luijn. De editor kleurt ook dit jaar het Nederlands Filmfestival in met tal van films waaraan hij zijn medewerking verleende. Hij is zelfs genomineerd voor een Gouden Kalf. ‘Het zou bitterzoet zijn als hij nu de prijs wint waar hij stiekem zo naar uitkeek,’ blikt regisseur Jeroen Houben vooruit. Hij en een selecte groep regisseurs die samenwerkten met Van Luijn eren hem op dit festival met een eerbetoon, afsluitend met de film Wolf waarvoor hij in 2013 een nominatie voor een Gouden Kalf ontving.
 

Houben werkte vaak samen met de zachte g sprekende Van Luijn. Meerdere korte films, videoclips en commercials, waaronder de korte film Page 23. Deze korte film is gedraaid in het huis van Van Luijn. ‘Wouter was zo’n iemand die dat wel cool vond, terwijl iedereen die in deze business werkt weet wat voor troep een filmset geeft.’ Er blijkt geen enkele editor, producent of wie dan ook te zijn in Houben's carrière met wie hij vaker samenwerkte dan met Van Luijn.
 
Terwijl Jeroen en ik in de kroeg aan de Amsterdamse Overtoom zitten zie je Van Luijn er bijna bij aanschuiven. Hij is meubilair, terwijl hij er niet is. De getalenteerde editor is zichtbaar door onzichtbaar te zijn: een statement waarmee Houben van wal steekt. ‘Het is fijn dat iemand die niet vanzelfsprekend op de voorgrond treedt, door zijn functie, nu op deze manier aan het voetlicht wordt gebracht. Wouter heeft zichzelf in relatief korte tijd belangrijk gemaakt in de sector,’ vertelt Houben. Als de regisseur wordt gevraagd naar Van Luijn's handtekening blijft het antwoord op dat moment uit. Zoekende naar woorden zegt Jeroen: ‘Het is lastig om te destilleren wat een editor precies heeft toegevoegd, omdat hij dienstbaar is aan het materiaal. Het is ook een soort schrijver: hij schrapt. Een editor is iemand die schrijft met materiaal dat wordt aangeleverd. En daarin had Wouter een enorm probleemoplossend vermogen.’ Van Luijn stond bovendien bekend om zijn innerlijke rust: hij hoefde ideeën niet te overschreeuwen. Houben benadrukt dat het eerbetoon op het Nederlands Filmfestival als heel normaal voelt, omdat ‘Wouter daar thuishoort, het voelt als zijn plek. Hij was zo geliefd daar.’
 
Houben memoreert aan verschillende momenten als hem gevraagd wordt naar wat Van Luijn dan nalaat. Er is volgens de regisseur niet zozeer één moment, doordat er zoveel momenten zijn. Vooral de warmte van hem als persoon blijft achter als herinnering. ‘Elke maand kwam ik bij hem over de vloer. Ik heb zo vaak op de stoel naast hem gezeten, in de montage. Dat zijn honderden uren.’  Zoals Van Luijn wist om te gaan met emoties, zo zag je dat ook terug in de films die hij monteerde. ‘Emotie boven techniek. Altijd. Hij had voor technische problemen iedere keer weer oplossingen, dus hij keek naar welke take het beste was qua acteerwerk. Je zag het hem zichzelf afvragen: geloof ik deze take?’ Deze blik bleef hij toepassen blijkt, want Van Luijn kon zich volgens Houben ook op later moment blijven afvragen hoe het was voor een kijker als die de film voor het eerst keek. Wat dat betreft dacht Van Luijn simpel, terwijl menig andere filmmaker te veel denkt in complexiteit. Van Luijn dacht vooral vanuit zijn eigen vrije geest. ‘Hij vroeg zich regelmatig af: snap ik dit als kijker? Gewoon die basale vraag.’
 
Zo zocht het Limburgse talent ook vaak naar subtekst in beeld. ‘Het kan ook dit betekenen, Jeroen’, zei hij dan. ‘En dan dacht ik: verrek.’ Van Luijn liet Houben een keer een scène zien, waardoor de regisseur inzag dat het aanvankelijke beeld op twee verschillende manieren te interpreteren was. ‘En dan zette hij je aan het denken. We hadden vaak aan twee woorden genoeg, wellicht doordat we niet alleen collega’s waren.’ Want Houben en Van Luijn waren graag geziene gasten op filmfeestjes. Houben herinnert zich het Filmbal afgelopen keer bij het Eye. ‘Wij waren letterlijk de allerlaatsten die het pand verlieten. Wouter trok de deur dicht om een uur of vijf in de ochtend. Daarna zijn we samen naar huis gefietst en we hebben elkaar nog heel innig omhelsd. We waren dan weliswaar dronken, maar het gevoel van ‘Ik hou van je, ik ben er voor je’ draag ik sindsdien met me mee ja.’ Zijn warmte was volgens Houben als vanzelfsprekend. ‘Dan zei hij: we moeten snel weer wat maken, man. Met een glinstering in zijn ogen. Die zag je trouwens ook in de montage: dan kwam hij met een twinkeling in zijn oogjes naar buiten en je wist dat het goed kwam. Wouter zei regelmatig ‘het komt goed’, maar bij hem was dat heel bemoedigend door zijn oprechtheid. En als er dan al een probleem ontstond voelde hij zich er verantwoordelijk voor’, vertelt Jeroen. ‘Dan was het niet alleen het probleem van de productie, maar ook van hem.’
 
Van Luijn hield zo erg van zijn werk dat hij nooit lang op vakantie was. ‘Dat tripje naar Mallorca ook, hij zou maar vier dagen gaan. Mensen zeiden wel eens: joh, ga wat langer. Maar hij hield dat gewoon niet uit. Hij had thuis ook een kleine edit set, voor het geval hij nog snel even iets moest aanpassen.’ Tekenend, want Van Luijn stond erom bekend voor eenieder klaar te staan. Het werk ging dag en nacht door. En ook dat was één en al liefde. Hij deed vaak twee speelfilms per jaar en tussendoor diverse korte films en commercials. Als het idee hem aanstond stond hij ook open voor studenten. ‘Terwijl die nooit geld hebben, maar Wouter was niet iemand die het om het geld deed.’ Van Luijn had vanaf een zeker moment wel een keuze die ruim was. ‘Misschien is dat wel zijn handtekening en is dat ook wat hij doorgeeft: de projecten selecteren die bij jou passen. Hij was vaak geïnteresseerd als hij iets nog niet gedaan had, bijvoorbeeld een thriller of een bijzondere arthouse film. Dan zei hij ‘ja’ en hij wist iedere keer weer een gaatje te vinden in zijn agenda.’ Sinds Rabat werd hij een veel besproken editor. In de 7 jaar die volgden leverde hij een duizelingwekkend aantal van 14 speelfilms, ontelbaar veel korte films, videoclips en commercials op, 'Dat heeft hij knap gedaan in zo’n korte periode.’
 
Hoe Van Luijn als persoon was werkte ook door in zijn films. ‘Je bent als regisseur door dat hele proces gegaan om een film te maken. Hij was altijd mijn baken van rust, waar ik al mijn productionele issues of situaties die ik meenam van de set kwijt kon. Hij ving me op, terwijl ik met mijn ziel onder mijn arm daar die montage in liep. Dat is voor mij ook het moeilijke: ik heb zoveel met hem samengewerkt, dat ik hem vaak automatisch belde als ik weer een editor nodig had. En het is nog steeds wennen dat dat niet meer kan.’
 
Vlak na zijn overlijden kreeg Van Luijn ook een herdenking in Tuschinski, die druk bezocht was. Hoe belangrijk Van Luijn zich maakte in onze sector? Zijn dood heeft een verhaal, maar zijn leven, zijn werk, zijn werkhouding, ambitie en passie overheersen nog steeds. ‘Het stond voor iedereen vast dat hij zou doorgroeien als editor, iets wat hijzelf ook ten volle ambieerde. Hij was altijd bezig met zijn volgende stap, vroeg zichzelf af ‘Waar wil ik naartoe?’ Als ik een project had waarin ik niet kon samenwerken met hem moest ik hem zeggen daar niet om te stressen, want er kwam toch wel weer een volgende keer. Dat dachten we altijd en spraken dat ook uit naar elkaar.’
 
 
Het eerbetoon aan Wouter van Luijn draait op het Nederlands Filmfestival op 3 oktober, 20.00 uur.


Tekst: Wouter Springer



meer artikelen